Ra

Stèle van lady Taperet (22nd dynastie) Ra- Horachte, Louvre De zonnegod Ra was veruit de belangrijkste godheid van het oude Egypte, een god die met veel aardse en niet-aardse zaken te maken had.

Hoewel niet een van de oudste goden, is hij wel een god die gedurende de gehele dynastieke periode een consistente positie innam. In het Dodenboek komen we een samenstelling tegen van de goden Ra-Horachte, Atoem, Horus en Chepri. In het Middenrijk en Nieuwe Rijk vond er een proces van syncretisme plaats (het overnemen van specifieke eigenschappen en/of symbolen van een andere god) waarin Ra werd samengevoegd met Amon. Onder de naam Amon-Ra werd hij een van de belangrijkste en machtigste goden van het oude Egypte. De vrouwelijke tegenhanger van Ra is Raet of Raettawy. Meestal wordt de god echter zonder partner weergegeven.
Zijn macht manifesteerde zich onder andere in de rol en de positie van de farao en de ideologie van het Egyptische koningschap. Hij was de beschermer en goddelijke vader van de farao. Al vanaf de 4e dynastie is een van de koninklijke titels 'Zoon van Ra', een titel die de relatie tussen de god en de koning nog eens benadrukt.

KV9  (Ramses V and Ramses VI) Ra in zijn zonnebarkHet woord Ra is het Egyptisch woord voor zon. De zon werd door de oude Egyptenaren vereenzelvigd met Ra's lichaam. Tevens werd de zon gezien als Ra's onafhankelijk 'oog' en eveneens als een 'vaartuig' voor zijn dagelijkse hemelreis. Deze reis in zijn bark ondernam hij met zijn dochter, de godin Maat en diverse andere goden. Zij doorkruisten met deze bark, ook wel mandjet genoemd, de hemel van zonsopgang tot zonsondergang. In de onderwereld reist Ra ook met een bark maar die wordt aangeduid met mesketet. Tijdens deze reis is er een interactie met de god Osiris, de god van de doden. In ingewikkelde funeraire teksten wordt hun relatie beschreven en die eindigt met een vereenzelviging van Ra met Osiris, oftewel Ra-Osiris. Men geloofde dat Ra nieuw leven bracht en tijdens de nachtelijke tocht moet Ra zijn aartsvijand, de slang Aphophis zien te overwinnen om uiteindelijk in de ochtend weer te kunnen herrijzen. Ra had dus relaties met de hemel, de aarde en de onderwereld.

Ra stond aan de wieg van de meeste scheppingsmythes. Als scheppergod werd Ra de vader en moeder van alle levende dingen. De god stond aan het hoofd van het goddelijk tribunaal, hij was de oppergod die verrees uit het water. Er zijn verschillende versies van de mythe, maar als zonnegod komt hij als een berg of een lotusbloem uit het water tevoorschijn in de vorm van een kind, een reiger, een valk, een mestkever of anderszins. In veel teksten is terug te vinden dat de kracht van de zon op aarde ook wordt toegeschreven aan Ra. Ra wordt in verband gebracht met de seizoenen en de jaarlijkse overstroming die de vruchtbaarheid van het land beïnvloedden.

KV 9 (Ramses V and Ramses VI) de zonsopkomst als zonneschijf, scarabee en als jongeling (afb. Holenboek)De vele hoedanigheden van Ra zien we terug in de gevarieerde wijze waarop hij is afgebeeld. We zien hem als een zonneschijf vaak omcirkeld met een beschermende cobra, soms voorzien van uitgestrekte vleugels.
De zonneschijf zien we ook terugkomen op het hoofd van een valk met het lijf van een mens (semi-antropomorf). In dierlijke vorm (zoömorf) manifesteert Ra zich als ram, mestkever (scarabee), als feniks, reiger, stier, kat, leeuw, slang etc. In zijn dag, middag en avondvorm wordt Ra vaak weergegeven als een man met het hoofd van een mestkever of een ram en een zonneschijf. In combinatie met de god Osiris, Ra-Osiris wordt hij vaak als mummie afgebeeld, met het hoofd van een ram en soms als mestkever of valk.

Veel iconografische afbeeldingen uit het oude Egypte zijn aan de zon gerelateerd. De zon is daarmee ook een van de meest breed gebruikte, goddelijke symbolen. Deze grote variëteit in weergaven van de zon zijn dikwijls dus aan de god Ra gelinkt. Elementen als zonneschijven, vliegende gieren en gele banden aangebracht op de plafonds in koningsgraven slaan eveneens terug op Ra. Ook de zonneschijven in cartouches zijn symbolen die de verbintenis tussen ra en de farao aanduiden. Gevleugelde zonneschijven, geplaatst onder lateien en langs processiewegen verbeelden de symbolische reis door de Egyptische tempels.

Pectoraal van Toetanchamon met de gevleugelde zonneschijf, een van de manifestaties van RaDe cultus van Ra wordt al in de 2e dynastie genoemd maar bereikte in de 5e dynastie een hoogtepunt. In die tijd besteedden de farao's meer aandacht aan hun zonnetempels dan aan hun piramides. De vorm van een piramide, de ben-bensteen, tempels en de obelisken werden ook geassocieerd met de zon en dientengevolge met Ra of een andere vorm van deze godheid. Hij werd dan ook de staatsgod van Egypte en hoofdgod van het pantheon. In Heliopolis werd een grote tempel voor hem gebouwd en ook later, in het Nieuwe Rijk, bouwde men een grote hoeveelheid zonnetempels en -hoven. Ra werd door heel Egypte, in diverse vormen en allerlei heiligdommen, vereerd en onder het gewone volk ondervond hij ongekende populariteit. Hij werd vermeld in magische spreuken, koninklijke en niet-koninklijke namen. Ook talrijke amuletten vertegenwoordigden de zonnegod. Ra bleef gedurende de hele dynastieke periode een zeer belangrijke godheid, met uitzondering van de Amarna Periode waarin de zonnegod werd vereerd als zonneschijf of Aten. Deze kreeg de status van enige god, andere cultussen werden gedurende de tijd van farao Achnaton, in principe, uitgesloten.

© Joke Baardemans 2014

Bronnen: The Oxford Encyclopedia of Ancient Egypt, art. Re-Horakhty, M. Müller; Gods and Symbols of Ancient Egypt, M. Lurker; The complete Gods and Goddesses of Ancient Egypt, R. Wilkinson