Hart

TT 96, Sennefer ontvangt ketting met hartamulet, foto: Petra LetherVoor de oude Egyptenaren was het hart een van de belangrijkste organen.

Dat had te maken met het feit dat men er van overtuigd was dat in het hart het gevoel, de gedachten, de emotie en het leven zelf waren gezeteld. Het hart werd geassocieerd met persoonlijkheid en intellect. Omdat het hart werd gezien als het centrum van het leven werd er ook vaak van een overledene gezegd dat 'zijn hart was vertrokken'. Dat was ook de reden waarom het hart tijdens het mummificatieproces in het lichaam bleef of werd omwikkeld en weer teruggeplaatst. Het hart mocht niet van het lichaam worden gescheiden en werd gelijkgesteld aan het wezen van de mens. Dit aspect wordt op allerlei manieren duidelijk als we kijken naar de Egyptische religie, de talrijke afbeeldingen, teksten en voorwerpen die verwijzen naar de rol die het hart innam. Van de scheppingsgod Ptah werd bijvoorbeeld gezegd dat hij, nadat hij zichzelf had geschapen, de andere goden 'in zijn hart' bedacht.
hartamuletten, MET, New YorkHet hart wordt in het hiëroglifisch aangeduid met ib en omdat het hart het individuele leven 'bevatte' had het hiëroglifische teken voor het hart de vorm van een vaas met handvatten die mogelijk de aders symboliseerden. Veel vazen en kruiken waren qua vorm een nabootsing van het hart. De hiëroglief voor het hart werd regelmatig gebruikt bij de vormgeving van sieraden. Soms gewoon als een persoonlijk symbolisch gebaar, maar soms had het een religieuze betekenis. Het woord ib kwam regelmatig voor in uitdrukkingen zoals bijvoorbeeld ak-ib wat een aanduiding was voor 'goede vriend' en vertaald kan worden met 'degene die het hart binnengaat'. Verbale combinaties waarin ook het woord hart werd verwerkt, vormden vaak de basis voor sieraden. Naast sieraden in de vorm van het hart had men ook veel hartamuletten. Deze hadden de vorm van het ib-figuur en werden gedurende het mummificatieproces tussen de mummiewindselen gestopt.

hartscarabee Tachedkhonsou, 3e Tussenperiode, Louvre, foto: Petra LetherEen van de meest gebruikelijke hartamuletten was de scarabee. De mestkever stond hiervoor model en die werd geassocieerd met vernieuwing en regeneratie. De hartscarabee beschermde het hart en diende als vervanging als het hart van de overledene vernietigd was. Oorspronkelijk werden hartscarabeeën vervaardigd uit groen gesteente bijvoorbeeld uit jaspis, serpentijn of basalt. De eerste voorbeelden dateren uit de 18e dynastie. Het hoofd van de mestkever werd hierbij vervangen door het hoofd van een mens. Hoewel de spreuken die erop stonden, vermeldden dat de scarabee het menselijk hart moest vervangen, kon het op een willekeurige plek op borst van de mummie worden geplaatst. De spreuken moesten voorkomen dat het hart eventuele misdaden zou bekennen die de dode tijdens zijn leven had begaan. Hartscarabeeën komt men ook tegen in de vormgeving van een pectoraal, als borstornament en als rechthoekige vorm van de façades van een oude Egyptische tempel.

Het wegen van het hart, Hathortempeltje, Deir el-Medina, foto: Petra Lether Het wegen van het hart was een belangrijke symbolische ceremonie die plaatsvond bij de ingang van de onderwereld. Deze ceremonie staat opgetekend in het Dodenboek, een boek dat vol staat met informatie over hoe men een geslaagd leven kon bereiken na de dood.
Het hart van een overledene werd afgewogen tegen de veer van Maät en zo werd er bepaald of iemand geschikt was voor het hiernamaals. Maät was de godin van de waarheid, orde en gerechtigheid. Als de overledene rechtschapen werd bevonden en het hart en de veer in evenwicht waren, werd hij door de goden Anoebis en Osiris begeleid naar de onderwereld. Soms beïnvloedde Anoebis het lot door de weegschaal gunstiger af te stellen. Indien het hart meer woog dan werd de overledene verslonden door Ammoet, een monster dat dichtbij de wacht hield. Ondertussen werden alle handelingen op schrift gezet door de schrijvergod Thot die alles nauwlettend in de gaten hield.
Als het hart was goed bevonden kreeg de overledene het weer terug. Spreuken uit het dodenboek garandeerden dan dat het hart nooit meer verwijderd zou worden.
Tijdens het Nieuwe Rijk was een papyruskopie van het Dodenboek waarin het wegen van hart stond opgetekend erg populair. Dit papyrus werd dan bij de overledene in het graf gelegd en gaf min of meer zekerheid over een plaats in het hiernamaals.

Zowel teksten, illustraties en voorwerpen aangaande het hart bezaten dus magische eigenschappen die voor een geslaagd leven in het hiernamaals onontbeerlijk waren. Het idee dat de weegschaal zou kunnen doorslaan en zij overgeleverd waren aan het monster Ammoet, moet voor de oude Egyptenaren zeer beangstigend en onverdraaglijk zijn geweest.

© Joke Baardemans 2013

Bronnen: The Oxford Encyclopedia of Ancient Egypt art. Scarbs, R. Bianchi; Dood en begrafenisrituelen in het oude Egypte, S. Ikram; Het Oude Egypte, T. Wilkinson; Reading Egyptian Art, R. Wilkinson