Mahoe

Mahoe staat met geheven handen voor de strijdwagen van Achnaton en Nefertiti, lijntekening uit graf Mahoe in AmarnaMahoe was hoofd van de politie in het oude Achetaton, (de horizon van de god Aton).

Het was de naam van de nieuwe stad die de Egyptische farao Amenhotep IV, beter bekend als farao Achnaton liet bouwen op de oostelijke oever van de rivier de Nijl op de plaats waar zich nu het dorp El Amarna bevindt.
Zoals de meeste hoogwaardigheidsbekleders die het autoritaire regiem van Achnaton dienden was Mahoe uiterst loyaal aan zijn farao. Hoewel er weinig overgebleven sporen zijn van een omvangrijk politieapparaat in het oude Egypte gaat men ervan uit dat dit er wel degelijk is geweest.
Mahoe was waarschijnlijk van bescheiden afkomst. Hij was een van de oudgedienden en een van de eerste aanspreekpunten voor de farao. Zijn loyaliteit, zijn onvoorwaardelijke steun aan de koning, wierp zijn vruchten af en bracht hem een goede positie, welstand en status. In de noordelijke graven in Amarna bevindt zich zijn graf waarin deze loyaliteit tot uitdrukking is gebracht. Hierin heeft Mahoe maar liefst viermaal de zonnehymne laten optekenen. Een hymne die de officiële geloofsbelijdenis van Achnaton's nieuwe geloof beschreef.

Men veronderstelt dat Mahoes officiële taken erop waren gericht de orde te bewaren in de stad. Achnatons radicale politiek was impopulair bij veel groepen in deGraf Mahoe, 18e dyn, Amarna samenleving. Hij joeg hiermee mensen tegen zich in het harnas en de angst voor aanslagen op zijn regime was waarschijnlijk groot. Het was Mahoes taak om in de gaten houden of 'de mensen die verbleven bij degenen in de heuvels van de woestijn' niet onverwachts zouden aanvallen. Achetaton was dus een stad, dicht bevolkt met bewakingspersoneel. Onder Mahoes verantwoordelijkheid viel ook de begeleiding van de koninklijke familie als zij het paleis verlieten in hun strijdwagen. Het was gebruikelijk dat zij werden begeleid door een grote groep bewakers. Deze politiemensen liepen voor en naast de strijdwagen. Bij gelegenheid deed Mahoe dit in hoogsteigen persoon. Hiervan is een reliëf aangetroffen in zijn graf. Mahoe staat hierop met de handen geheven in aanbidding voor Achnaton en Nefertiti in hun koninklijke strijdwagen. Het is meer waarschijnlijk dat Mahoe in een eigen strijdwagen heeft gestaan als hoofd van de politiemacht.
De formele processies en de veelvuldige verschijningen van Achnaton en Nefertiti zullen Mahoe het meest hebben bezig gehouden, hoewel hij ook tijd vond om de tempels van Aton, het religieuze hart van de stad, te bezoeken. Hier uitte hij zijn dankbaarheid jegens de farao en de zonnegod Aton. Of dit publiekelijke optreden een werkelijke uiting van vroomheid was of meer een plicht blijft een vraag.
Mahoe heeft niet lang genoeg geleefd om de terugtrekking van het hof uit Amarna mee te maken en was geen getuige van de neergang van het regime waar hij zelf zo'n fanatieke aanhanger van was. Het graf van Mahoe bevindt zich in Tell el-Amarna.

© 2013 Joke Baardemans

Bronnen: Lives of the Ancient Egyptians, T Wilkinson/ Les Portes du Ciel, catalogus Louvre