Muziek

Orkestje, RMO, foto: Petra LetherMuziek, zang en dans kennen een lange traditie binnen het Oude Rijk. De oude Egyptenaren waren grote muziekliefhebbers.

Officiële gelegenheden en gelegenheden in de privésfeer, zoals processies en grote banketten, werden opgeluisterd met muziek, zang en dans. In tempels en graven waren muzikale uitingsvormen belangrijke onderdelen van de religieuze rituelen.
In het begin van het Oude Rijk waren het voornamelijk de mannen die alle beschikbare muziekinstrumenten bespeelden terwijl de vrouwen zich doorgaans beperkten tot de harp en percussie-instrumenten. Aan het einde van deze periode nam de veelzijdigheid van de musiciennes toe en gedurende het Middenrijk ontstonden er ook gemengde muziekgroepjes. Vanaf de 18e dynastie werd het priesterschap gedomineerd door mannen, voor wie deze functie een fulltime aangelegenheid werd. Daarentegen kregen vrouwen meer en meer een muzikale rol toebedeeld. Zo droegen zij in belangrijke mate bij aan de invulling en vormgeving van de tempelritus.

Aswan-Qoebet el-Hoeba, zangeressen, Petra LetherVooral tijdens het Middenrijk was de titel Smay.t (shemayet) oftewel zangeres algemeen gangbaar. Echter, doordat de titel niet volledig werd erkend verscheen hij ook niet op monumenten en graven. Daar stond tegenover dat de titel, vanaf het Nieuwe Rijk, naast de titel van 'meesteres van het huis' heel populair werd, vooral bij vrouwen en dochters van hoge ambtenaren. Zij lieten zich graag als zodanig afbeelden. In de Thebaanse graven is het een van de meest gangbare titels die is aangetroffen. De titel Smay.t werd meestal gevolgd door de naam van een mannelijke of vrouwelijke lokale godheid. In de regio van Thebe, het cultuscentrum van de god Amon, had je 'de zangeres van Amon'. In andere delen van het land waren vrouwen zangeres in de cultus van hun eigen, lokale godheid. Zo kende men bijvoorbeeld ook een 'zangeres van Moet' of een 'zangeres van Chonsoe'.

TT 96 Meryt met een menat, foto: Petra LetherMen kende diverse muziekinstrumenten. Tijdens de Piramidentijd verschenen er meer instrumenten zoals de fluit, de luit en de harp. Door de muzikanten werden duo's en trio's gevormd en er ontstond een variatie in de begeleiding van liederen. Zangers werden naast het ritmisch handgeklap, nu ook begeleid door meerdere instrumenten. Tempelmuziek bestond onder meer uit sistrumspel, harpspel, luitspel, het zingen van hymnen en handgeklap. De muzikanten, vaak musiciennes, begeleidden ceremoniële dansen en rituelen door bijvoorbeeld met hun sistrum te schudden. Een sistrum is een percussie-instrument en doet denken aan een ratel. Het is een instrument dat specifiek door vrouwelijke muzikanten werd gebruikt bij dansen en religieuze ceremonieën. De kenmerkend u-vorm stelt het hoofd voor van de godin Hathor als koegodin met horens. Deze godin stond onder andere symbool voor muziek, zang en dans. De vrouwen droegen dikwijls ook een 'menat'. Dit is een muziekinstrument dat uit verscheidene kralensnoeren bestaat. Het kon ook als amulet in de vorm van een halskraag worden gedragen, maar moest dan, vanwege het gewicht, door middel van een tegengewicht op de rug op zijn plaats worden gehouden. Om de menat als muziekinstrument te gebruiken kon men, door met de kralen tegen het gewicht te slaan, een rinkelend geluid produceren.

Harp uit het Nieuwe Rijk, foto: Petra LetherNa het begin van het Nieuwe Rijk wordt wat betreft de instrumentatie een snelle ontwikkeling merkbaar. De harpen worden groter en men kreeg nu ook de beschikking over draagbare harpen. Vanuit Azië maakt men kennis met de citer. De dubbele fluit, gevormd door twee naast elkaar liggende rietstengels verdwijnt. Hiervoor in de plaats ontstaat een fluit bestaande uit twee rietstengels die een scherpe hoek vormen. De luit is een kistje met zes of acht gaten erin, aan beide kanten plat en voorzien van een lange steel waaraan linten bevestigd zijn en waarover vier snaren zijn gespannen. Ronde en vierkanten tamboerijnen kende men ook al, evenals andere slagintrumenten en kleppers.

De muzikale groepjes oftewel xnr verzorgden optredens in religieuze en seculiere instituten zoals tempels en graven. Hoewel mannen en vrouwen deel namen aan zo'n muziekgroep waren de mannen, in dezen, ondergeschikt. De muziekgroepjes werden doorgaans geleid door een vrouw. Zij droeg de titel wr.t xnr oftewel 'de grote van de groep muzikanten', mogelijk te vergelijken met een dirigente. De groepjes waren verbonden aan de tempelcultus. Deze vrouwen genoten aanzien en hoe belangrijker de cultus, hoe hoger de status. Zo had je bijvoorbeeld 'de grote van de muziekgroep van Amon', maar ook de muziekgroepjes van andere culten kende specifieke leidende vrouwen. Dikwijls waren het de echtgenotes van de hogepriesters die deze functie bekleedden. De plaats die muzikanten innamen binnen de tempelhiërarchie is niet helemaal duidelijk. Ook weten we niet of zij werden beloond voor hun werkzaamheden. Het is goed mogelijk dat het vrijwillgers waren.

Blinde harpspeler uit het graf van Nacht, TT 52Opvallend was de rol van blinden binnen de oud-Egyptische tempelmuziek. Er zijn meerdere afbeeldingen aangetroffen van 'blinde' muzikanten. Er zijn deskundigen die denken dat deze blinden, ter compensatie van hun gebrek aan zicht, een zeer goed gehoor hadden. Zij ontwikkelden zo dus veel meer gevoel voor muziek. Er zijn ook andere theorieën. Diverse goden werden namelijk geassocieerd met muziek. Zo werd de godin Hathor 'meesteres van de muziek' genoemd. Ook Horus - de blinde Horus, #ntty-n-irty- werd geassocieerd met muziek. Hij werd door sommigen ook wel de 'harp-god ' genoemd. Anderen denken dat Horus 'patroonheilige van de harpspelers' was en veronderstellen dat deze gedachte een popularisering van de religie was. Hoe het ook zij, feit is dat veel harpisten met gesloten ogen of geblinddoekt werden afgebeeld.

© 2012 Joke Baardemans

Bron: Women in Ancient Egypt, G. Robins; Het oude Egypte, T. Wilkinson; de geheimen van het oude Egypte, L.Oakes en L.Gahlen; the Oxford Enceclopedie of Ancient Egypt, Bo Lawergen